Brugge zet een eeuwenoude traditie verder: de melodieën van het automatisch spel van de beiaard worden opnieuw vernieuwd. Sinds het begin van de 19de eeuw gebeurt deze aanpassing tweejaarlijks, en ook in 2026 worden de klanken van de Brugse beiaard vóór Pasen aangepast via de zogenaamde ‘versteek’ van de pinnen op de beiaardtrommel.
Tijdens deze technische ingreep worden de pinnen van de trommel zorgvuldig gewijzigd, nagezien en gereinigd. Het werk gebeurt gedurende twee weken onder leiding van stadsbeiaardier Wim Berteloot, samen met een ploeg torenwachters.
Het Belfort van Brugge, De Halletoren, blijft een absolute trekpleister. Jaarlijks beklimmen meer dan 200.000 bezoekers de toren. De fascinering voor het automatisch klokkenspel is groot: bezoekers grijpen spontaan naar hun smartphone om deze indrukwekkende ‘muziekdoos’ vast te leggen. Ook op de binnenkoer van de Stadshallen blijft het moment waarop de klokken weerklinken telkens opnieuw een beleving.
Niet alleen toeristen, maar ook Bruggelingen voelen zich sterk verbonden met de beiaard. Het vernieuwen van de melodieën is dan ook een belangrijk moment. Toch is het selecteren van geschikte muziek geen eenvoudige opdracht. Het automatisch spel legt vooral de nadruk op de harmonie van de klokken, waarbij de zware basklokken domineren. Bovendien kent het mechanische systeem, dat dateert uit 1748, zijn beperkingen, waardoor ritmische precisie niet altijd mogelijk is.
De voorbije jaren werd telkens gekozen voor muziek met een duidelijke link met Brugge. Zo weerklonk recent nog ‘Twee Meisje’ van Raymond van het Groenewoud, voorafgegaan door ‘‘k En Brugge In M’n Herte’ van Benny Scott. Dit jaar werd gekozen voor “Brusk” van Patrick Hamilton, gecomponeerd naar aanleiding van de opening van de nieuwe kunsthal BRUSK.
Stadsbeiaardier Wim Berteloot kijkt uit naar de nieuwe cyclus: “Het blijft telkens een uitdaging om muziek te kiezen die technisch haalbaar is en muzikaal tot zijn recht komt op dit historische instrument. Met ‘Brusk’ brengen we opnieuw een hedendaagse Brugse link tot leven in het klokkenspel.”
Dit zijn de nieuwe nummers voor de komende twee jaar:
Op het uur:
Allegretto van Johan A.W. Wagenaar (1862-1941)
In stijlperiode ‘Romantiek’ neemt de componist Wagenaar voor Nederland een prominente plaats in. De partituur komt uit het archief van de voormalige stadsbeiaardier Eugeen Uten. De vrij klassieke toonspraak leent er zich toe om dit tonaal stukje muziek op de Dumerybeiaard in middentoonstemming te doen spelen.
Kwartier na het uur:
Brusk (main theme) van Patrick Hamilton (°1963)
uit ‘Brusk forms in motion’, a concerto for Brugge
Als nummer met een link met de stad is het thema uit ‘Brusk forms in motion’ brandend actueel. Deze compositie werd gecreëerd bij de opening van de nieuwe Brugse museumlocatie BRUSK. Op 8 mei 2026 gaat deze nieuwe kunsthal open. In de compositie werd ook de Brugse beiaard geïntegreerd. De beiaard opende het werk en in deze intro werd het BRUSK-thema al gepresenteerd.
Op het half uur:
Mijn Grootvaders Klok – Henry Clay Work (1832-1884)
‘Grandfather’s Clock’ is een internationaal bekende melodie waardoor veel toeristen als gast in Brugge een herkenbare tune door de zingende hallentoren horen klinken. Het verhaal van het lied vertelt over het tikken van de klok zolang de grootvader leeft.
Kwartier voor het uur:
Andante uit symfonie 94 (verrassingssymfonie) – Joseph Haydn (1732-1809)
De verrassingssymfonie van Haydn dankt zijn naam aan dit tweede deel waarin na een heel zachte en heel lichtvoetige start er aan de eerste slotcadens een verrassend luid akkoord, komt. Het is een opportuniteit om de zwaarste basklok van de beiaard hiervoor in te zetten.
(arrangementen door Wim Berteloot, stadsbeiaardier)
Foto©Persdienst Stad Brugge : Beiaardier Wim Berteloot (links) en componist Patrick Hamilton





